NederlandsEnglishFrancais

Geschiedenis

De Cahors wijngaard is een van de oudste wijngaarden in Zuidwest Frankrijk, misschien zelfs wel van het hele land. Zijn oorspong kan worden herleidt tot de Gallisch- Romeinse tijd. De wijnen, geproduceerd op de heuvelhelling uitkijkend op de Lot, behoorden tot de duurste en hadden de grote eer de tafels van de Romeinse keizers te sieren.

In de middeleeuwen, handhaafden de Cahors wijnmakers hun uitstekende reputatie toen de stad Cahors een belangrijk commercieel en financieel centrum werd. Dit dankzij de strategische ligging op de banken van een toen bevaarbare rivier op het kruispunt van verschillende wegen, een gelijke 200 km afstand van de Atlantische oceaan, de Middellandse zee en de Pyreneeën vandaan.

In de dertiende eeuw verstrekte Cahors zelfs leningen aan koningen en pauzen. De wijnen van Cahors, die in Londen al in 1225 werden verkocht, werden in de Middeleeuwen wijd geëxporteerd, het volume overschreed 40,000 tonnen aan het begin van de veertiende eeuw. In 1316 werd een uit Cahors afkomstige jongen Paus John XXII van Avignon. In 1325 bracht hij wijnmakers uit zijn thuisland naar de naar de Châteauneuf streek om daar wijn te verbouwen.

Later bestelde François I een variëteit aan druiven afkomstig van de oevers van de Lot om deze te planten in Fontainebleau. Ondanks de protectionistische belemmeringen die ingesteld waren door de Bordelais, (forse belastingen en beperkte toegang tot de haven van Bordeaux), in een poging om de Cahors wijn te dwarsbomen, verspreidde de goede reputatie van de Cahors wijn zich naar Duitsland, Nederland en de Noordelijke landen. De wijn was zelfs populair op de grote maritieme routes naar Oost-Indie en Amerika.

Maar de belangrijkste ambassadeurs van Cahors wijn waren de priesters van de Russische Orthodoxe kerk die de wijn adopteerde als hun communie wijn. Dankzij deze priesters ontdekten de Tsaren de wijn en maakte ze deze tot hun ceremoniële wijn. Een trouwe aanhanger van de Cahors wijn was Peter de Grote die een liefhebber was van de hoge tannine vanwege de weldadige werking daarvan op zijn maagpijn. Een wijn genoemd bij de naam "Kaorskoîe", gebaseerd op een druivenvariëteit van de Lot, wordt vandaag de dag nog steeds geproduceerd in Azerbeidzjan.

Toendertijd werden de wijnen van Cahors gereserveerd voor de officieren terwijl de Bordeaux wijn geserveerd werd aan de lagere rangen in het leger! Bovendien wordt de kleur van vele Bordeaux wijnen verbeterd door de toevoeging van Cahors wijn.

Helaas is de geschiedenis van de Cahors wijn niet altijd zo rooskleurig geweest. Getuige de ravage van de Honderd jarige oorlog, de verarming van de agricultuur, wijdverspreide onrust na de dood van Henri IV, harde maatregelen van de overheid en de boycot door de Bordelais. Tot overmaat van ramp doodde de phylloxera crisis aan het einde van de 19e eeuw het grootste deel van de wijngaard. In 1956 was er weer sprake van ernstige schade, deze keer door de vorst. De schade was zo ernstig dat een paar jaar later de wijngaard was gereduceerd tot een honderdste van zijn oorspronkelijke omvang. Hoewel de Cahors wijn gedoemd leek om voor altijd te verdwijnen, zette een handje vol enthousiastelingen geleid door wijnbouwers van de Parnac kelder en een paar zakenmannen, zich in om de wijn weer nieuw leven in te blazen. Geleidelijk heroverde de wijn zijn oorspronkelijke terroirs. Inmiddels omvatten ze een gebied van meer dan 4,000 hectaren.

De ontwikkeling van de wijn wordt ongetwijfeld ondersteund door de schoonheid van de Quercy regio. In 1951 werd de Cahors wijn een Vin Délimité de Qualité Supériere (VDQS) en uiteindelijk, twintig jaar later, verkreeg de wijn het begerenswaardige label van Appellation d'Origine Contrôlée (AOC). Sindsdien heeft de wijn een aantal prestigieuze ambassadeurs verworven, zoals de voormalige franse president Georges Pompidou, die een buitenhuis in de regio bezit, en de Koningin van Denemarken, getrouwd met de Compte de Montpezat die geboren is in de Lot regio en er een château bezit.